|
|
De Poolse
Oostzeekust en Mazoerië
De noordgrens van Polen
wordt gevormd door de Oostzee – van Swinoujscie op het eiland Usedom, dat
voor de helft bij Duitsland hoort, tot de Wislaschoorwal (Mierzeja
Wislana), waarvan de noordelijke helft al bij Rusland hoort. Over 524
kilometer strekt zich een fijn, wit zandstrand uit, dat heel geleidelijk in
het water afloopt en af en toe wordt onderbroken door steile rotsen, die
meer dan 100 meter boven de zeespiegel uitsteken.
Meteen achter de kust
beginnen de zachtglooiende moreneheuvels uit de laatste IJstijd, met
daartussen duizenden meren, van Szczecin in het westen tot Suwalki in het
oosten. Nergens anders in Polen zijn er zoveel met elkaar in verband
staande bosgebieden, zoals de oerbossen bij Ruciane Nida, bij Suwalki
en ten zuiden van Bialystok. Het
noordoosten – zoals Nationaal Park
Biebrzanski met zijn unieke, ongerepte landschap – kent een
buitengewoon grote verscheidenheid aan dier- en plantensoorten – alleen al
omstreeks zestig procent van alle broedvogelsoorten die in Europa
voorkomen, is ook hier te vinden.
Deze landstreek kent een
zware en gecompliceerde historie. Sinds het einde van de Tweede
Wereldoorlog maken de gebieden die voorheen in Noordoost-Duitsland lagen,
deel uit van Polen. De provincie Poznan en grote delen van West-Pruisen werden
al in 1918 aan Polen
|
|
|
toegewezen, en in 1945
volgden Pommeren (met Szczecin), de rest van West-Pruisen met daarbij
Danzig (Gdánsk) en het zuiden van Oost-Pruisen (met daarbij Olsztyn). Dit
als straf voor de misdaden van het Duitse nazi-regime.
De voor dit gebied zo
karakteristieke bakstenen gebouwen, die in de 13e tot de 15e
eeuw werden neergezet door de ridders van de Duitse orde, wekken nog vaak
negatieve associaties bij de Polen. Ze beschouwen de Duitse ridders, die de
schrijver Henryk Sienkewicz in een roman beschreef als veroveringszuchtig
en onbarmhartig, als de voorgangers van de Pruisen, die weinig beminde
westerburen die Polen in 1772 hebben verdeeld en het land tot 1918 van de
landkaart hebben gehouden.
Het noorden van Polen kent
echter ook streken van een geheel ander karakter. In het dorp Bohoniki en in Sokolka, ongeveer veertig kilometer ten noordoosten van
Bialystok, getuigen een houten moskee, islamitische riten en een
streekmuseum ook nu nog van de aanhangers van het islamitische geloof die
hier vanaf de 17e eeuw hebben gewoond. In Tykocin daarentegen, zo’n twintig kilometer ten noordwesten van
Bialystok, herinnert een imposante gerestaureerde synagoge uit de 17e
eeuw aan de grote Joodse gemeenschap die hier en in andere plaatsen in Oost-Polen
leefde tot aan de massale vernietiging door de nazi’s.
|
|
Gdánsk (Danzig)
In de zomer van 1980
dwongen stakende arbeiders op de Leninwerf de stichting af van de
onafhankelijke vakbond Solidarnosc. Er was al eerder een opstand geweest,
in 1970, die bloedig was neergeslagen. Nu echter, tien jaar later, had de
staking succes. Er werd een proces in gang gezet dat eindigde met de val
van de communistische overheersing in het Oostblok. Een veertig meter hoog
monument herinnert aan de slachtoffers van die eerste staking. Het is
altijd gehuld in bloemen. U vindt het bij de hoofdingang van de werf van
Gdánsk. Er is een permanente tentoonstelling over Solidarnosc te zien op de
werf.
De haven- en handelsstad
Gdánsk (390.000 inwoners) is duizend jaar oud. In 1309 werd de stad
ingenomen door de ridders van de Duitse Orde, maar al in 1454 sloot de
inmiddels vrije stad zich aan bij Polen en de stad steunde Polen ook
tijdens de Noordse Oorlogen, hoewel de bewoners protestants waren. Na de
deling van Polen in 1793 viel Gdánsk onder Pruisen en daarna onder het
Duitse Rijk. Bij het verdrag van Versailles van 1920 werd de stad
uitgeroepen tot vrijstad. Met de schoten op Westerplatte begon op 1
september 1939 de Tweede Wereldoorlog – aan het eind van de oorlog was
negentig procent van de binnenstad verwoest. Er werd echter een wonder van
stadsherstel verricht: 650 objecten werden wederopgebouwd, en aangezien
talrijke gevels ui de 19e eeuw volgens ouder ontwerp werden
‘verbeterd,’ kunt u vandaag de dag het Danzig ervaren van de filosoof
Arthur Schopenhauer, die hier in 1788 werd geboren.
|
|
|
|

|

|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Mazoerië en Warmië
Na de Tweede Wereldoorlog
werd de oude Pruisische provincie Oost-Pruisen opgedeeld: het noordelijke
deel – met Königsberg, het huidige Kaliningrad – viel toe aan de
Sovjet-Unie, de rest aan Polen. Dit laatste bestond uit twee historische
streken: Mazoerië was het
zuidelijke Oost-Pruisen met Sensburg (Mragowo) en Lötzen (Gizycko), waar de
inwoners een Pools dialect spraken, maar het protestantse geloof aanhingen.
Warmië omvatte het midden van
Oost-Pruisen, meer naar het westen gelegen, met als centrum Allenstein (Olsztyn), waar de
inwoners Duits spraken, maar katholiek waren. In Polen zijn de aanduidingen
Warmië en Mazoerië behouden gebleven, al wonen er in beide streken vrijwel
alleen nog katholieke Polen.
Olsztyn
Het centrum van de stad
kunt u niet missen: Hoog boven de rivier de Lyna verheft zich de machtige Ordeburcht met zijn ronde toren. Het
voormalige Allenstein, de hoofdstad van Mazoerië en Warmië, is in 1348 voor
het eerst in een oorkonde vermeld. De stad is één van de weinige in
Oost-Pruisen waarvan het inwonertal na 1945 gestegen is, tot 170.000. Sinds
de Tweede
|
|
|
Wereldoorlog hebben zich
hier talrijke nieuwe bedrijven gevestigd. De Oude Stad en de gotische Hoge
Poort, onderdeel van de oude stadsmuur, bleven ondanks alle
verwoestingen tijdens de oorlog behouden.
De Oude Stad is de laatste
jaren zorgvuldig gerenoveerd. Om het middeleeuwse marktplein heen staan
gereconstrueerde barokke huizen met
arcaden en het oude Stadhuis
uit de eerste helft van de 17e eeuw. Eén straat verder staat de Jacobuskerk uit de 14e
eeuw, nu de kathedraal van het bisdom.
De Ordeburcht werd gebouwd
tussen 1350 en 1580. Hier verdedigde de sterrenkundige Nicolaus Copernicus
als kanunnik van het domkapittel in 1521 de stad tegen een huurlingenleger
van de grootmeester van de Duitse Orde.
|
|

|
|
|
|
Beelden uit het noorden van Polen
|
|
Malbork
De Marienburg in Malbork is één van de machtigste en
mooiste wereldlijke gebouwen uit de Middeleeuwen. Vanaf 1309 was dit de
residentie van de grootmeester van de Duitse Orde. Deze burcht straalde een
zodanige macht uit dat het onmogelijk scheen om de Duitse ridders te
overwinnen. Desondanks moest de grootmeester hem na zijn nederlaag in de
Slag bij Tannenberg aan zijn onbetaalde huursoldaten in onderpand geven.
Zijn droegen de burcht in 1457 over aan de Polen. U vindt hier eveneens een
bijzondere barnsteenverzameling.
Kijk voor meer informatie eens op de website van de burcht in Malbork.
|
|
Szczecin (Stettin)
Szczecin (425.000
inwoners) is de belangrijkste havenstad van Polen. De plaatselijke
scheepswerf is één van de leidende in de wereld. Elk jaar lopen hier
tenminste 24 vrachtschepen van stapel. In de Tweede Wereldoorlog is de
havenbuurt weliswaar zwaar beschadigd, maar talrijke opnieuw opgebouwde
bezienswaardigheden geven een goede indruk van de grootheid van de haven in
het verleden. Na de toetreding tot de Hanze in 1272 ontwikkelde Stettin,
zoals het toen heette, tot de metropool van West-Pommeren. In de Pruisisch
/ Duitse tijd (1720-1845) beleefde de stad een tweede bloeiperiode, vooral
aan het eind van de 19e eeuw.
Szczecin wordt sinds 1989
steeds mondainer. De oude stad wordt heropgebouwd op de oude fundamenten,
en met zijn biertuinen, winkels en Jugendstilhuizen is de zogenaamde Parijse Wijk (tussen pl. Lotnikow en
pl. Przymierzonych) tegenwoordig de levendigste buurt van de stad.
Interessante
links
Een
enorm overzicht aan websites over Polen en de andere landen in Midden- en
Oost-Europa vindt u op www.middeneuropa.nl.
|
|
|
Interessante
(wandel-)reizen naar Polen worden aangeboden door SNP Natuur- en Cultuurreizen.
Kijk
voor accommodatie in Polen eens in het accommodatieoverzicht Polen.
Veel aanvullende toeristische informatie kunt u
verkrijgen bij het Poolse verkeersbureau.
|
|
|
|
|
|
|
|