WWW.MIDDENEUROPA.NL

 

 Zuidwest-Bulgarije

De toppen en meren van Pirin en Rila

                                      

Zuidwest-Bulgarije

Wie tenminste een deel van zijn vakantie in Bulgarije ver van de toeristische drukte wil doorbrengen en daarbij het ‘eigenlijke’ Bulgarije wil ontdekken, wordt in het zuidwesten rijk beloond. Met zijn Rila- en Pirin-gebergte, zijn talloze bergmeren, rivieren, minerale bronnen en schilderachtige oorden biedt het de bezoeker een landschappelijke verscheidenheid in een nog maar zelden voorkomende ongerepte staat. U zult snel merken dat het zuidwesten tot de minst geïndustrialiseerde en dunst bevolkte delen van het land behoort. Van de twee hooggketens is het Pirin-gebergte woester dan het Rila-gebergte, maar ook goed toegankelijk. Vanwege de zeldzame rijkdom en diversiteit aan planten en dieren is een deel van het Pirin-gebergte uitgeroepen tot Nationaal Park, dat onder bescherming van de Unesco staat. Bergwandelroutes voeren naar de toppen Vichren (2914 m), Kutelo (2908 m) en Todorka (2746 m) langs vele van de bijna 180 gletsjermeren.

 

Misschien nog indrukwekkender is het Rila-gebergte met zijn 132 tweeduizenders, waarvan 78 boven de 2500 meter. Hiertoe behoort ook de Musala, die met zijn 2925 meter de hoogste berg van Zuidoost-Europe is. Tussen de spitse bergpieken liggen in duidelijk omkaderde gletsjerdalen de ‘ogen’ van het gebergte: 140 meren uit de ijstijd. Een lust voor het oog zijn vooral de op 2200-2500 meter hoogte liggende zeven Rila-meren. In het Rila-gebergte ontspringen enkele van de grootste rivieren van het land, de Iskar, de Marica en de Mesta. Ook komen er talrijke minerale bronnen voor, waardoor in het zuidwesten vele geneeskrachtige baden en kuuroorden zijn geconcentreerd (Sandanski, Velingrad, Devin, Kjustendil).   


 


Vooral in de kloosters kunt u kennis maken met de Bulgaarse geschiedenis, om te beginnen natuurlijk in het Rila-klooster, het nationale heiligdom, verder in het nabij Melnik gelegen complex van Rozen. Maar ook het bewogen verleden en misschien voor een deel ook heden van Macedonië komen bij het rond trekken door de plaatsen tot leven, want in het zuidwestelijke Pirin-gebied ligt het deel van Macedonië dat bij de driedeling van 1913 aan Bulgarije toeviel. Talrijke monumenten, musea en stadsnamen zijn gewijd aan beroemde voorvechters van de Macedonische beweging, onder wie Goce Delcev of Jane Sandanski.

 

Bansko

Aan de voet van het Pirin-gebergte, in het dal van de Razlog, 930 meter boven de zeespiegel, ligt de toegang tot het Nationale Park Pirin: De 12.000 inwoners tellende stad Bansko. De afgelopen jaren heeft dit gebied, dat wordt gekenmerkt door lange winters en tamelijk koele zomers, zich ontwikkeld tot een van de wintersportcentra van het land. Wie de stad binnenkomt, zal snel merken waarom deze ook buiten het skiseizoen reizigers aantrekt: De nieuwbouw in het stadscentrum past veel beter dan in de meeste andere steden bij de talrijk bewaard gebleven delen van de oude kern. Aan de gebouwen uit de 18e en 19e eeuw is te zien dat hier het een en ander aan rijkdom was geconcentreerd. Vooral dankzij handel en nijverheid, maar ook door zijn ligging aan de verbindingslijn tussen de Egeïsche Zee en Midden-Europa ontwikkelde Bansko zich in de 18e eeuw tot een bloeiend streekcentrum.

 

De oude huizen in de stad herinneren met hun twee gezichten aan de architectuur van kloosters: Aan de straatkant verheft zich een strenge, bijna afwijzende stenen gevel, maar des te vriendelijker komt de binnenplaats over, met balkons, uit hout gesneden ballustrades en slanke zuilen.




Het Rila-klooster (Rilski manastir)

Op 1147 meter hoogte, midden in een dicht loofbos, stuit u onverwachts op een tot 24 meter hoge vestingsmuur. Aan de buitenkant wijst niets erop dat hier iets anders te vinden is dan de ruïne van een burcht. De machtige muren maken een zeer ontoegankelijke indruk. Als u tenslotte aan de zuidkant door de enige ingang bent binnengekomen, wordt u overweldigd door de schoonheid, rust en harmonie die het fascinerende complex uitstraalt.

 

Het klooster is in de 10e eeuw door de kolonist Ivan Rilski gesticht. De beenderen van Ivan Rilski, die in de 15e eeuw uit Tarnovo hierheen werden overgebracht, liggen twee kilometer buiten het kloostercomplex bij de Sveti Luka (Heilige Lucaskapel) en de grot waarin de stichter van het klooster volgens de legende lange tijd leefde. Het complex werd meermalen verwoest of raakte in verval en moest tot tweemaal toe worden verplaatst. De huidige locatie dateert uit de 14e eeuw en ligt ongeveer vier kilometer van de oorspronkelijke plaats. Het enige bewaard gebleven gebouw uit die tijd is de in 1335 gebouwde Chreljo-toren, genoemde naar zijn bouwheer Dragovol Chreljo, die hier als onafhankelijk heerser was neergestreken. Al het ander dateert van de in 1816 begonnen nieuwbouw, die door een grote brand in 1833 werd onderbroken en eigenlijk pas in 1870 is voltooid. Middelpunt en kroon van de kunstschat is de hoofdkerk Sveta Bogorodica (Heilige Moeder Gods), een combinatie van de oude, drieschepige basiliek met de kruiskoepelkerk  van de berg Athos en de Italiaanse koepelkerk. De bekendste meesters van de Bulgaarse architectuur, schilderkunst en houtsnijkunst uit de

periode van de Nationale Renaissance hebben eraan meegewerkt. Opvallend zijn de stralende fresco’s in het schip en de galerijen en de vergulde iconostase (altaarwand) met 36 figuren. In de hoofdkerk bevindt zich het graf van Boris III, de laatste Bulgaarse tsaar.

 

Eveneens bezienswaardig zijn het museum met de originele deur van de Chreljo-toren uit de 14e eeuw, iconen uit de 14e en de 15e eeuw en het houten kruis van de monnik Rafail, een meesterwerk van miniatuurhoutsnijkunst, de muurschilderingen uit de 14e eeuw in de Chreljo-toren en het origineel van de kloosterkeuken uit 1817 met al het kookgerei van toen.

 

Het complex is dagelijks van zonsopgang tot zonsondergang geopend, maar de museale opstellingen en de kerk sluiten om 17.00 uur.

 

De mooiste accommodatie wordt geboden door het klooster zelf: Voor ongeveer 20 Euro per persoon kan één van de gastenvertrekken worden geboekt. In het pal naast het klooster gelegen Restaurant Rila serveert men Bulgaarse gerechten. Het uitzicht vanaf het ietwat kleine terras hier is schitterend. Dit etablissement verhuurt ook betaalbare, doch zeer eenvoudige kamers. Circa twee kilometer verder naar het oosten kunt u in Hotel Rilec wat aangenamer, maar ook duurder logeren.

 





Melnik

De kleinste stad van Bulgarije telde in 1880 nog 20.000 inwoners, slechts 1000 minder dan Sofia op dat moment. In 1913, tijdens de Tweede Balkanoorlog, werd Melnik bijna volledig verwoest en verloor daarmee zijn handelsroutes. Tegenwoordig wonen hier 570 mensen, die hoofdzakelijk van wijn, tabak en toerisme leven. Het is niet alleen het inwonertal dat de tussen pyramiden van zandsteen verstopte plaats een enigszins onwerkelijke sfeer geeft. Enerzijds wijzen de vele ruïnes, waarvan het aantal dat van de bewoonde huizen veruit overtreft, steeds weer op het verval van deze plaats, maar anderzijds kunt u tegen de steile hellingen van de schilderachtige zandstaanrotsen als in een amfitheater de unieke monumenten van oudere en nieuwere bouwkunst zien staan, die plaats bieden aan schitterend houtsnijwerk, iconen en glas- en muurschilderingen. Tussen de puntige rotsen door kronkelen met gras en alsem omzoomde paden, aan het eind waarvan een sprookjesachtig uitzicht lokt. Naast de paden groeien overal de wijnstokken die Melnik beroemd hebben gemaakt en waaraan de streek zijn ware, donkerrode wijn dankt.

 

Van de ooit meer dan 3600 architectonisch belangrijke woonhuizen zijn er niet veel meer dan 100 bewaarde gebleven, maar daaronder bevinden zich veel prachtige exemplaren. Bijzonder fascinerend zijn de uitgestrekte wijnkelders die in de rots onder de huizen zijn uitgehakt om een constante temperatuur voor de wijn te waarborgen.

 

Het Rozen-klooster (Rozenski manastir)

Het Rozen-klooster is één van de oudste kloostercomplexen van Bulgarije. Het ligt op 6 kilometer ten noorden van Melnik tussen bizarre rotsformaties, waar bezoekers doorheen komen als ze het klooster willen bezoeken. Het is in de 12e of 13e eeuw gesticht door de despoot Slav, bestuurder van het gebied rond Melnik. Het huidige bouwwerk dateert uit de 16e eeuw en werd in de 18e eeuw grondig vernieuwd en beschilderd. Zijn roem dankt het klosster vooral aan de met houtsnijwerk versierde altaarwanden en lessenaars. De kleinere, meer naar achteren staande iconostase is een waar meesterwerk van houtsnijkunst. Bijzonder fraaie en waardevole muurschilderingen uit het begin van de 17e eeuw zijn te vinden op de zuidelijke buitenmuur van de hoofdkerk Sveta Bogorodica.

 

Niet ver van het klooster bevindt zich het graf van de Macedonische revolutionair Jane Sandanksi.  Er is ook een kleine, aan hem gewijde tentoonstelling te zien.

 

Interessante links

Een enorm overzicht aan websites over Bulgarije en de andere landen in Midden- en Oost-Europa vindt u op www.middeneuropa.nl

Een interessante (wandel-)reis naar dit gebied wordt aan geboden door SNP Natuur- en Cultuurreizen.

Een andere interessante website is die van het Nationaal Park Rila.

 

                                                

 

Meldt u hier aan voor onze nieuwsbrief